Trofeejacht: controversieel, maar waardevol voor natuurbehoud!
Trofeejacht roept sterke emoties op. Het doden van dieren voor een trofee wordt door veel mensen gezien als moeilijk te verenigen met natuurbescherming.
Dit debat wordt al te vaak gereduceerd tot de vraag of iemand persoonlijk voor of tegen jacht is. NGO's en verenigingen die tegen (trofee)jacht zijn, spelen handig in op dat gevoel. Niet om dieren effectief te helpen, maar wel om er zelf financieel beter van te worden!
De grotere vraag die maar al te gemakkelijk vergeten wordt is: wat er gebeurt met wilde dieren, habitat en plattelandsgemeenschappen wanneer het economische systeem dat hen ondersteunt verdwijnt? Wat als Europese landen op neokoloniale wijze beslissen wat Afrikaanse landen al dan niet mogen doen met hun wilde dieren? Gereguleerde jacht biedt waarde voor wilde dieren om te bestaan. Zonder die waarde moet wilde dieren concurreren met landbouw, veeteelt en andere vormen van landgebruik.

Een recente grootschalige studie wijst er nog maar eens op dat gereguleerde trofeejacht juist kan bijdragen aan het behoud van natuurgebieden, wilde dieren én het welzijn van lokale gemeenschappen. De studie is een review/synthese van 89 peer-reviewed artikelen uit 13 landen in Sub-Sahara-Afrika.
Onderzoekers analyseerden al deze wetenschappelijke publicaties over trofeejacht in dertien landen in Sub-Sahara-Afrika. Volgens de analyse was ongeveer 65% van de onderzochte effecten positief voor natuurbehoud en het welzijn van de lokale bevolking. Wanneer lokale gemeenschappen of particuliere landeigenaren zeggenschap hadden over het land én rechtstreeks inkomsten uit de jacht ontvingen, liep het aandeel positieve resultaten op tot meer dan 80%.
Vooral het effect op het behoud van leefgebied springt in het oog. In 92% van de onderzochte gevallen werd trofeejacht in verband gebracht met een toename van de hoeveelheid land die voor natuurbehoud werd beschermd. Het achterliggende principe is economisch: wanneer wilde dieren inkomsten opleveren, ontstaat voor landeigenaren en lokale gemeenschappen een financiële reden om natuurgebieden intact te houden in plaats van ze om te vormen tot landbouwgrond of veeteeltgebied.
Ook voor de lokale bevolking werden voordelen vastgesteld. In minstens 85% van de onderzochte gevallen waren er positieve effecten op inkomen, werkgelegenheid of voedselzekerheid wanneer landeigenaren en gemeenschappen voldoende konden meeprofiteren van de opbrengsten. Vooral in landen als Namibië en Zuid-Afrika, waar lokale partijen relatief veel zeggenschap over land en wild hebben, bleken de resultaten gunstiger. In Tanzania en Zambia, waar de staat een groter deel van de controle en inkomsten behoudt, waren de uitkomsten gemengder.
Dat betekent echter niet dat trofeejacht automatisch goed is voor de natuur. De onderzoekers vonden ook negatieve en onduidelijke effecten. Bovendien waren de gevolgen voor de bejaagde diersoorten zelf minder eenduidig. Populaties waren vaker stabiel of groeiend dan afnemend, maar de jacht kon bijvoorbeeld negatieve gevolgen hebben voor de leeftijds- en geslachtsverdeling binnen populaties.
De studie maakt daarmee vooral duidelijk dat de manier waarop de jacht wordt georganiseerd cruciaal is. Wetenschappelijk onderbouwde quota, degelijk toezicht, een eerlijke verdeling van de inkomsten en daadwerkelijke betrokkenheid van lokale gemeenschappen lijken belangrijke voorwaarden om positieve resultaten te bereiken.
Dat gegeven speelt ook een rol in het debat over Europese verboden op de invoer van jachttrofeeën. Volgens de onderzoekers kunnen algemene importverboden te grof zijn: wanneer een goed beheerd jachtprogramma inkomsten genereert waarmee leefgebieden worden beschermd en lokale gemeenschappen worden ondersteund, kan het wegvallen van die inkomsten onbedoelde gevolgen hebben. Als alternatief noemen zij importvoorwaarden waarbij moet worden aangetoond dat de jacht bijdraagt aan natuurbehoud, dat lokale bewoners een eerlijk deel van de opbrengsten ontvangen en dat quota wetenschappelijk worden bepaald en aangepast wanneer dat nodig is.
De discussie over trofeejacht kan daarom moeilijk worden teruggebracht tot de simpele tegenstelling tussen “jacht is goed” en “jacht is slecht”. Er bestaat inderdaad een ethische discussie over het doden van dieren voor een trofee, maar daarnaast is er de praktische vraag hoe wilde natuur in grote delen van Afrika duurzaam kan worden beschermd en gefinancierd. De studie suggereert dat goed gereguleerde trofeejacht daar een rol in kan spelen — maar dat de resultaten sterk afhangen van lokaal bestuur, regelgeving en de verdeling van de opbrengsten.
Met weidelijke groet,
Kristof Vandewoestijne
Bron: Outdoor Life







Opmerkingen