Hoe dierenrechtenactivisten stap voor stap het recht op dierenbezit ondergraven...
De natte droom van elke dierenrechtenactivist is een wereld waarin dieren en mensen dezelfde status hebben en waarop we allen vreedzaam samenleven. Hoe mooi het misschien ook klinkt, iedereen die ook maar de minste notie heeft van hoe de natuur in elkaar zit, weet dat dit utopische waanbeeld te zot voor woorden is.
Stap voor stap zijn activistische dierenrechtenorganisaties bezig om dieren een zodanige status aan te meten dat het binnen afzienbare tijd niet meer mogelijk zal zijn om te jagen, maar dat we simpelweg ook geen dieren meer zullen mogen bezitten. Niet in een boerderij voor vlees of melk, maar ook niet in ons gezin als gezelschapsdier. Dat gebeurd op een zodanige slinkse en emotionele manier, dat de grote meerderheid van de bevolking helemaal niet beseft wat er aan de hand is. Onderstaand artikel gaat over het gebruik van een zweepje bij paarden, maar in België wordt in 2027 ook het gebruik van een teletact bij hondenopleidingen verboden.
Overdrijf ik? Jasmijn de Bruijn is een Nederlandse hippische ondernemer die onderstaand artikel schreef over de eis om in de paardensport het gebruik van de zweep te laten verbieden. Hoog tijd dat ruiters, landbouwers, jagers, vissers, hondentrainers en alle bezitters van (gezelschaps)dieren deze hysterie een halt toeroepen!

Op 6 oktober 2026 bood Stichting Dier & Recht in Nederland een petitie van ruim 40.000 handtekeningen aan bij de vaste Kamercommissie voor LVVN. De geëiste uitkomst: een wettelijk verbod het gebruik van de zweep in de paardensport.
Wie de campagnepost en de nieuwsitems op SBS6/Hart van Nederland voorbij zag komen, zag het vertrouwde activistische recept: een emotionele slogan ("Slaan is niet normaal"), framing van de sector als een poel van dierenmishandeling, en een uithangbord dat laat zien "hoe het wél moet".
Maar achter deze schijnbaar sympathieke oproep tot diervriendelijkheid schuilt een doordachte, strategische escalatie. Deze petitie gaat feitelijk niet over het incidenteel misbruik van een zweep. Het is een politiek breekijzer om via een wettelijke omweg de biologische basisprincipes van hoe paarden leren te criminaliseren.
Hoe Dier & Recht te werk gaat
Dier & Recht voert de druk bewust op richting het commissiedebat van 15 oktober. Op het Ministerie van LVVN wordt momenteel gewerkt aan een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) waarin risicovolle trainings- en dwangmiddelen voor honden en paarden worden aangewezen. Door nu de politieke schijnwerpers op de paardenzweep te richten, probeert de stichting het ministerie te dwingen de zweep in die AMvB mee te nemen als een 'verboden hulpmiddel'.
De petitie-fabriek: 3.000 handtekeningen in drie weken
Opvallend is de dynamiek rondom de handtekeningen. Maandenlang bleef de teller van de petitie steken rond de 37.000. Pas in de laatste weken voor het Kamerdebat kwamen er plotseling 3.000 'steunbetuigingen' bij.
Wie het petitieplatform van activistische organisaties analyseert, weet hoe dit mechanisme werkt:
Geen verificatie: Online petities hanteren vrijwel nooit een dubbele opt-in of controle op ID/reëel e-mailadres. Iedereen kan onder verzonnen namen of meerdere keren tekenen.
Geen achtergrondkennis vereist: Deelnemers aan zulke petities hoeven geen enkel verstand van paarden te hebben. Wie kan er immers 'tegen' de stelling "Slaan is niet normaal" zijn?
Synergie tussen campagnes: Lopende bestanden van eerdere campagnes (zoals die tegen kalfjes, honden of katten) worden via directe mailings geheractiveerd.
Dier & Recht creëert hiermee het beeld dat "de samenleving" massaal eist dat de paardensport wordt aangepakt, terwijl het in feite een virtueel opgetrommelde achterban betreft die reageert op een sentimentele stelling.
Het uithangbord en de schijn van 'morele superioriteit'
Om het sympathieke gezicht van de campagne te vormen, werd Baukje van Hilst naar voren geschoven. In landelijke media demonstreerde zij hoe zij op basis van positieve bekrachtiging (R+) en methodes als intrinzen paarden traint.
Het wrange van deze demonstratie was de pijnlijk zichtbare realiteit: het paard dat als toonbeeld van 'diervriendelijke training' werd gepresenteerd, was overduidelijk obese en kreupel. Bovendien staan op haar eigen sociale media talloze foto's waarin zij traint met een targetstick en (grondwerk)zwepen.
Toen de sector kritisch reageerde op deze schreeuwende inconsequentie, trok Baukje een bekende kaart: de kritiek werd weggezet als "onbegrip" en zij stelde dat zij slechts "de stem van het paard" wilden vertolken. De kritiek op haar obese en kreupele paard wuifde ze weg: "De paardenwereld is niet meer gewend is om dit te zien, omdat kreupele paarden direct naar de slager gaan." [2.]
Met die claim eist een individuele trainer niet alleen het alleenrecht op paardenwelzijn op. Ze zet honderdduizenden toegewijde paardenmensen, instructeurs en wetenschappers weg als een onwetende massa die hun dier als een zielloos gebruiksvoorwerp ziet. Dat is geen uitnodiging tot bewustwording of dialoog; het is een moreel superieure houding verpakt in een empathisch jasje.
Hoe activisme de Tweede Kamer insluipt
Wie denkt dat de acties van Dier & Recht losstaan van de politieke besluitvorming in Den Haag, heeft het mis. Achter de schermen is er sprake van een nauwkeurig afgestemde strategie tussen activistische partijen en de politieke arena. Om de gevaren van de huidige lobby rondom het zweepverbod écht te begrijpen, moeten we kijken naar de sterke twee-eenheid die de paardensport stapsgewijs wil afbreken.
De nauwe band tussen Stichting Dier & Recht en de Partij voor de Dieren (PvdD) vormt hierin een geoliede politieke lobby: waar Dier & Recht via emotionele publiekscampagnes en petities maatschappelijke verontwaardiging aanwakkert, zet de PvdD die acties in de Tweede Kamer direct om in politieke druk. Samen negeren ze de nuanceringen van wetenschappelijke instanties (zoals de ISES-principes over R-) én de handhaving vanuit de sector zelf (zoals het sporttuchtrecht en de SRP-richtlijnen). Ze framen de sector gezamenlijk als een conservatief gesloten bolwerk dat doof is voor dierwelzijn.
Beide organisaties delen dezelfde ideologische agenda waarin fysieke druk of hulpmiddelen (R-) principieel worden afgewezen en 'dwangvrij trainen' (R+) als de enige norm wordt geëist. Het uiteindelijke doel is echter niet het verbeteren van paardenwelzijn, maar het stapsgewijs uitfaseren van paardrijden en paardensport in haar geheel.
Het houdt niet op, niet vanzelf.
Deze agenda maakt dat hoe wij het ook doen binnen het paardensector, het nooit genoeg zal zijn voor deze partijen. Simpelweg omdat hun verdienmodel gedijt bij conflict en escalatie. Dier & Recht gebruikt emotionele petities niet alleen voor de politieke bühne, maar primair als een marketinginstrument om gratis media-aandacht en e-mailadressen van potentiële donateurs te verzamelen. De PvdD pakt de maatschappelijke ophef vervolgens op in de Tweede Kamer, wat de partij extra kiezers, zetels en daarmee directe Rijkssubsidie oplevert. Omdat nuance of constructieve oplossingen geen subsidies of giften opleveren, is dit professionele verdienmodel financieel afhankelijk van voortdurende polarisatie. Werkelijke welzijnswinst in de paardensector zou hun eigen bestaansrecht overbodig maken.
Een gezamenlijk front
De petitie van Dier & Recht is het zoveelste bewijs dat activistische organisaties niet zoeken naar een constructieve dialoog om paardenwelzijn te verbeteren. Het wordt tijd dat we daar weer vol zelfvertrouwen achter onze mooie paardensector gaan staan. We hoeven ons niet te verdedigen voor de wetenschappelijk onderbouwde leerprincipes waarmee we onze paarden dagelijks veilig en gezond trainen.
Echte welzijnswinst begint bij eensgezindheid. De sector heeft het al zwaar genoeg door stijgende kosten, verstedelijking en verstikkende regels; we zitten niet te wachten op nog meer betutteling van bovenaf voor een probleem dat al reglementair geborgd is. Maar zolang wij online op elkaar blijven vitten, spelen we de activisten rechtstreeks in de kaart.
Het behoud van onze sector is een gezamenlijke plicht. Juist voor de opkomende generatie moeten we deze strijd voeren: paarden leren jongeren wat geen scherm of gentle parenting hen kan bieden — écht leiderschap, daadkracht, doorzettingsvermogen en verantwoordelijkheid.
Zorg dat je snapt hoe een paard leert. En altijd — ook aan de vriendin van je tante uit de Randstad — transparant kunt uitleggen wát je doet en waarom. Laten we een cultuur creëren waarin mensen mogen leren en elkaar helpen, en elkaar niet shamen voor onbedoelde fouten. Uiteraard moeten we misstanden meedogenloos aanpakken en openstaan voor nieuwe inzichten. Natuurlijk mogen we onderling van mening verschillen. Een eerlijke discussie is goed, dat houdt ons scherp. Maar niet als het gaat om het voortbestaan van de sector.
Wie bewust de populistische agenda van activisten voedt, heeft zijn plek aan de tafel in het welzijnsdebat wat mij betreft verspeeld.
Laat de politiek niet over ons beslissen zonder ons
Het is heel makkelijk om de schouders op te halen en te denken dat petities geen zin hebben. Maar besef goed: activistische organisaties zitten wél wekelijks aan tafel in Den Haag met stapels e-mailadressen en handtekeningen. Als de paardensector stil blijft, wordt onze stem simpelweg niet gehoord in de politieke besluitvorming.
Het is tijd dat we laten zien hoe groot, professioneel en toegewijd onze achterban wél is. De Sectorraad Paarden (SRP) eist met haar petitie een eerlijk debat en een open, wetenschappelijk onderbouwde dialoog over de omgang met paarden — zonder populistische gijzeling.
Ben je trots op onze sector en wil je dat onze jeugd straks ook nog veilig en met zelfvertrouwen met paarden kan leren omgaan? Laat je stem niet verloren gaan.
Dit is dan ook een warme oproep aan jagers, vissers, ruiters, landbouwers en iedereen die een huisdier heeft om deze petitie te tekenen!
De hele tekst van Jasmijn de Bruijn kan je hier lezen. Jasmijn is een Nederlandse hippische ondernemer, instructrice, dressuuramazone, bitfitconsultant en blogger. Ze houdt zich bezig met paardentraining, paardenwelzijn en de maatschappelijke toekomst van de paardensport.





Opmerkingen