Schade aan gewassen in Wallonië
Bijgewerkt op: 8 sep
Afgelopen vrijdag trokken we naar ons Waalse jachtveld in de Condroz om er de landbouwschade op te meten die everzwijnen en dassen hebben aangericht in een maïsperceel van om en bij de 10 ha.
In tegenstelling tot Vlaanderen ben je als jager in Wallonië wél verplicht om de schade die door (jacht)wild wordt aangericht, te vergoeden aan de landbouwer. In Vlaanderen bepaalt artikel 24 van het Vlaamse Jachtdecreet dat de vergoeding van belangrijke wildschade volgens de gewone rechtsregels wordt vastgesteld.
In de praktijk betekent dit dat aansprakelijkheid moet worden aangetoond. Het enkele feit dat je het jachtrecht hebt in het gebied waar het wild vermoedelijk vandaan komt, maakt je dus niet automatisch schadeplichtig. Dat onderscheid is belangrijk: de schadelijder moet de relevante fout, de geleden schade en het oorzakelijk verband tussen beide bewijzen.

Terug naar Wallonië. Aangezien wij op ons jachtveld wel degelijk voor de schade moeten opdraaien, willen we uiteraard dat die op een correcte en objectieve manier wordt opgemeten. Vroeger kwam daar nogal wat nattevingerwerk aan te pas, en dat leidt alleen maar tot discussies.
Onder het goedkeurend oog van de landbouwexpert, de regionale DNF-verantwoordelijke en de getroffen landbouwer zelf, vliegt Matthias, een van onze medejagers, met zijn drone boven de maïs. Zo brengt hij de schade nauwkeurig in kaart en krijgen we een duidelijk beeld van de werkelijk geleden schade.
Daarnaast worden ook de aangevreten stengels en kolven bekeken om te bepalen welk percentage van de schade door dassen en welk percentage door everzwijnen werd veroorzaakt.
Dat er in de streek heel wat everzwijnen en dassen zitten, valt moeilijk te ontkennen. Dat blijkt ook uit de cijfers van onze buurjagers. De schade veroorzaakt door dassen wordt door de overheid vergoed, aangezien de das geen jachtwild is. De schade veroorzaakt door everzwijnen komt daarentegen voor rekening van de jachtrechthouder.

Tijdens het gesprek nadien laat de landbouwer weten dat er op zondag gehakseld zal worden en dat het misschien raadzaam is dat we daarbij aanwezig zijn. In de landbouwsector is het door de veranderende weersomstandigheden moeilijk om zoiets lang op voorhand vast te leggen, maar we beloven ons best te doen om met enkele jagers aanwezig te zijn.
Gisterenmorgen trek ik dan ook in alle vroegte met twee vrienden naar ons jachtveld. Met drie jagers een blok van 10 ha afzetten is geen sinecure, maar met het oog op de veiligheid ben je in zo'n situatie beter af met drie dan met tien.
Rond kwart over negen horen we de machines op het veld in beweging komen en gaat onze focus op scherp. De kans bestaat natuurlijk dat de aanwezige everzwijnen – we hadden ze al gehoord nog voor de machines er waren – meteen uit de maïs lopen zodra ze de machines dichterbij horen komen. Strook per strook verdwijnt de maïs. Wanneer de loonwerkers het perceel vervolgens in blokken beginnen op te delen, komt er beweging in de everzwijnen. We zien ze aan de rand van de maïs staan, zoekend naar de beste plek om opnieuw het bos in te lopen.
De loonwerkers helpen ons door aan te wijzen waar zij everzwijnen zien lopen*.
In totaal worden drie rottes van telkens 8 tot 15 everzwijnen in de maïs gezien. Daarvan kunnen we zeven stuks strekken. Mooi resultaat in elk geval!
Je zou kunnen zeggen dat we eerder werk hadden moeten maken van het beschermen van de gewassen, maar geloof me: daar hebben we heel wat uren aan besteed. Als de everzwijnen dag en nacht in de maïs blijven zitten (ze hebben er dekking en voeding), heeft aanzitten natuurlijk maar beperkt nut. Binnenkort wordt op het perceel wintertarwe gezaaid en zal de schade door ons ingrijpen sowieso een stuk minder zijn.
Na de jacht begint dan het 'zware' werk. Met de quad halen we alle geschoten everzwijnen op. We leggen ze in de schaduw in het gras om ze te ontweiden en brengen ze vervolgens naar de koeling. Opnieuw heel wat mooi, lokaal wildbraad waarvan we nog vele maaltijden zullen kunnen genieten. Waidmannsdank!
*Nog een tip: in Wallonië kan je – net zoals je een toelating voor nachtelijke bestrijding aanvraagt – ook een toelating aanvragen om vanop een oogstmachine te jagen. Vanuit de hoogte heb je een uitstekend zicht op wat er vóór de machine gebeurt.
Eén van de everzwijnen die door ons werd geschoten en vervolgens opnieuw de maïs inliep, werd helaas door de hakselaar overreden. Daardoor kon het dier niet meer voor consumptie worden gebruikt. Jammer natuurlijk, en meteen ook een illustratie van het belang van een goed overzicht tijdens zo'n oogstjacht.
Met weidelijke groet,
Kristof Vandewoestijne







Opmerkingen